Gustaaf Wappers
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
De zelfopoffering van burgemeester Van der Werff, 1829, Centraal Museum, Utrecht |
Egidius Karel Gustaaf Wappers (Antwerpen, 23 augustus 1803 - Parijs, 6 december 1874) was een Vlaams historie-, genre- en portretschilder.
Inhoud |
Opleiding
Hij werd opgeleid door Willem Herreyns (1743-1827) en Mathijs of Mathieu van Bree (1773-1839) aan de Antwerpse Academie voor Schone Kunsten.
Artistieke doorbraak
Na zijn studies aan de Antwerpse Academie trok hij in 1826 naar Parijs. De Romantische beweging bereikte daar haar hoogtepunt en in die verbeten strijd naar een nieuw ideaal vonden kunstenaars en politieke intriganten elkaar. Wappers werd de eerste Belgische kunstenaar die hier zijn voordeel uit haalde. In 1830, op het geschikte ogenblik, zo net voor de Belgische revolutie, lanceerde hij in het Koninkrijk der Nederlanden op de Brusselse Salon de romantiek in de schilderkunst met zijn succesrijke "De zelfopoffering van burgemeester Van der Werff" (Centraal Museum in Utrecht). Het tafereel stelt een gebeurtenis uit de Tachtigjarige Oorlog voor die plaatsvond in 1574. Burgemeester Van der Werff (1529-1604) zou zijn lichaam aan de uitgehongerde burgers van Leiden hebben aangeboden, om hen ervan te overtuigen stand te houden tegen de belegeraar. Het qua onderwerp politiek getinte doek had een geweldige invloed op de richting die de Vlaamse schilderkunst zou ingaan. Wappers werd door het Brusselse Hof ontboden en met nieuwe opdrachten belast.
Maatschappelijke positie en beoordeling
In 1832 wordt hij leraar aan de Antwerpse Academie voor Schone Kunsten. Hij versterkt zijn reputatie met zijn door de nieuwe Belgische regering bestelde meesterwerk van 1835, de "Episode van de Septemberdagen van de Belgische revolutie van 1830" (olieverf op doek, 444 x 660 cm, Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België te Brussel). Dit tafereel dat vervaardigd werd in 1835 is een immens geladen schilderij met veel personages, taferelen en gebeurtenissen waarin Wappers de recente revolutie en de pas verworven onafhankelijkheid van de prille natie prijst. Als schilder aan het hof kreeg Wappers de opdracht een schilderij te maken waarin de nationale staat verheerlijkt wordt. Hij benadrukte dit door de Belgische driekleur centraal te zetten te midden van mensen die strijden om hun land. Het speelt zich dan ook net na de Belgische onafhankelijkheid af. Een dode man wordt beweend door zijn ouders en zijn vrouw, een man wil gaan vechten in de revolutie maar wordt tegengehouden door zijn vrouw met kind, een opstandeling sterft, zwaaiend met de Belgische driekleur, een man toont de officiële verklaring ‘Aan de burgers van Brussel!’van 24 september 1830, ondertekend door de leden van de Bestuurscommissie … Naast figuranten uit alle lagen van de bevolking beeldt hij sympathisanten van de revolutionaire zaak en enkele persoonlijkheden die model staan voor de nieuwe staat. Zo portretteert Wappers aan de linkerzijde de toekomstige minister van Oorlog (Generaal baron Pierre Emmanuel Félix Chazal) als ruiter en verder nog enkele schilders van de Belgische school: Eugène Verboeckhoven, François Bossuet, Jozef Laurens Dyckmans, Ferdinand Lhérie, … Ook Wappers zelf is aanwezig in het schilderij. Hij beeldt zich af met een lans op de schouder terwijl hij met de vinger naar een kist wijst waarop zijn initialen staan. Met dit gebaar sluit hij de revolutie in de armen, legt hij zijn herinnering voor het nageslacht vast en eist hij tegelijk het auteurschap op van deze monumentale weergave van een glorierijke episode uit de nationale geschiedenis. Er is een onnatuurlijk licht geplaatst over het werk dat de verbeelding, het gevoelsmatige, de opstandigheid, de overgevoeligheid en de verscheurdheid aanwakkert. Qua compositie is er een diagonale lijn aanwezig van links onderaan tot rechts bovenaan. Niet enkel deze diagonale compositie, maar ook de piramidale vorm die met de Belgische driekleur wordt bekroond, zijn aanwezig. “Tafereel van de septemberdagen 1830 op de Grote Markt van Brussel” (olieverf op doek, 444 x 660 cm, Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België te Brussel) is geïnspireerd door “La liberté guidant le peuple” van Eugène Delacroix. Deze schilder was een tijdgenoot van Wappers. In beide werken komt het liberalisme duidelijk aan bod: het volk wil individuele vrijheden: persoonlijke vrijheid, vrijheid van meningsuiting, godsdienst en eigendom. Deze vrijheden moesten vastliggen in de grondwet. De theatrale enscenering benadrukt de roemrijke gebeurtenis van het tafereel: de vaak overdreven gebaren geven aan hoe vurig het bij de gevechten aan toe gaat, en de zo nu en dan pathetische gelaatsuitdrukkingen verwijzen naar de offers en het leed die men als prijs voor de onafhankelijkheid moet betalen. Passie is dus zeer belangrijk in de romantiek waarbij er werd teruggegrepen naar de barokstijl uit de 16e eeuw als inspiratiebron. De hoogtijdagen van de romantische stroming komen ongeveer overeen met de regeerperiode van koning Leopold I.
In een Rubensiaans coloriet en met ongewone warmte beeldt hij een fictief tafereel op de Grote Markt te Brussel af. Na het succes van de "Episode", werd Wappers hofschilder van Leopold I. In 1840 wordt Wappers, in opvolging van de overleden Mathieu van Bree, directeur van de Antwerpse Academie.
De nieuw verworven machtspositie als 'cultuurpaus' kan Wappers op een bepaald ogenblik aanwenden om de aan de grond geraakte Hendrik Conscience te steunen. Na zijn ontslag aan de academie in 1853 vestigt hij zich te Parijs, waar hij zijn succesvolle carrière als portretschilder afrondt.
Onder zijn talrijke werken tellen we een "Graflegging van Christus", "Karel I, koning van Engeland, op weg naar het schavot", "Karel IX", "Peter de Grote te Saardam" en "Boccaccio leest koningin Johanna van Napels de Decamerone voor." De Franse koning Louis-Philippe gaf hem een opdracht voor de decoratie van een galerij in het Kasteel van Versailles, "De verdediging van Rhodos door de Heilige Johannes van Jeruzalem," een werk dat werd voltooid op het ogenblik waarop, in 1844, de koning der Belgen hem de titel van baron toekent. Na zijn ontslag als directeur aan de Antwerpse academie vestigt hij zich in 1853 in Parijs, waar hij overlijdt.
Met Louis Gallait, Nicaise de Keyser, Henri of Hendrik Leys en Antoine Wiertz, behoort hij ontegensprekelijk tot de belangrijkste historieschilders uit de Belgische romantiek (art pompier).
Bibliografie
- E. Fetis, Notice sur Gustave Wappers," in Annuaire de l'academie royale de Belgique, 1884
- J. du Jardin, L'Art flamand
- Camille Lemonnier, Histoire des beaux arts en Belgique'
- J.G.A. Luthereau, Le Baron G. Wappers, Parijs, 1862
- R. De Schrijver, Gustaf Wappers, in Encyclopedie van de Vlaams Beweging II, Hasselt, 1975
- N. Hostyn, Gustaf Wappers, in Nationaal Biografisch Woordenboek, 18, Brussel, 2007
Externe links
- Artcyclopedia, portaalsite met interessante links over Wappers, onder meer de catalogus van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België te Brussel
- Centraal Museum Utrecht
Bronnen, noten en/of referenties:
- Encyclopædia Britannica, 1911
- André A. Moerman, in tentoonstellingscatalogus, 150 jaar Belgische kunst in de verzamelingen van de Koninklijke Musea voor Schone kunsten van België, 26 september 1980 - 4 januari 1981, uitgave van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van Brussel, blz. 9-10, 13, 164-165 Brussel, 1980
